FRAGARIA x ANANASSIA

Beoordeel dit item
(1 Stem)

INFORMATIE OVER UW GRATIS STEKJE

ALSTUBLIEFT!
U heeft een bijzonder plantje van ons kado gekregen. 

Er zijn twee varianten: 
FRAMBERRY : Geeft een rode aardbeivrucht met frambozensmaak
PINEBERRY   : Geeft een witte aardbeivrucht met ananassmaak

Welke van de twee u heeft ontvangen? 
Dat blijft voor u voorlopig nog even een verrassing...
In ieder geval; wanneer u deze plant goed verzorgd en vruchten gaat ontwikkelen zult u ontdekken welke van de twee u heeft ontvangen.

ALGEMENE INFORMATIE:
Fragaria x ananassa ‘Fram-Berry’ en de Fragaria x ananassa ‘Pine-Berry’ groeien prima op een zonnige plek in de volle grond of op balkon of terras in een ruime pot of bak.
De aardbeisoorten geven stevige en zeer smakelijke vruchten. Ze zijn net als de gewone aardbei heel gezond en bevatten onder ander calcium, fosfor, vitamine B en C.

De witte aardbei is één van de oudste aardbeisoorten. Het bijzondere exemplaar is een kruising tussen Noord- en Zuid-Amerikaanse aardbeien uit de achttiende eeuw. Door de witte kleur en rode zaadjes lijkt de aardbei op het eerste gezicht niet rijp. In tegenstelling tot de rode aardbei is de witte variant eerst groen en worden ze wit als ze rijp is. De witte aardbeien zijn iets kleiner dan de nu bekende rode aardbeivarianten. 

Door een andere kruising is de Framberry ontstaan: een aardbei die naar framboos smaakt.
GEBRUIK:
U kunt deze witte aardbeien en framboos-aardbeien op dezelfde manier gebruiken als de rode aardbeien!
PLANTEN:
Maak op de plantplek een gat ter grootje van het bakje met de stek. Zet hier het kluitje met de stek in de grond.
Doe dit voorzichtig; de stekjes zijn namelijk pas gestekt en de wortel is nog zeer kwetsbaar.
Geef na het planten direct water en dek het toe met wat goede aarde (en eventueel wat compost.
Zowel Framberry als de Pineberry groeien goed in humusrijke, vruchtbare grond die niet te droog is maar in de winter ook zeker niet te nat. 
VERZORGING:  
Verwijder regelmatig het onkruid en geef in droge perioden extra water.
Zorg ervoor dat de wortels in het water blijven staan. De planten houden niet van 'natte voeten' en gaan rotten.
De planten blijven meestal drie jaar in gebruik. In het laatste jaar kan er gestekt/vermeerderd worden met jonge planten van de uitlopers.
Laat de planten op een koele en vorstvrije ruimte overwinteren.. 
OOGSTEN:
De aardbeien zijn het lekkerst als ze aan de plant kunnen rijpen. Regelmatig plukken dus.
De oogst van Pineberry is in mei - juni en van Framberry is in juni en juli.
Knip de vruchten net boven de kelkblaadjes los van de plant. 

Verwijder bij de eerste pluk alle aardbeien, eventuele bloemetjes en uitlopers. Zo wordt de vorming van nieuwe bloemen gestimuleerd. Een paar weken na de laatste oogst wordt het blad van de aardbeien lelijk. Knip dan alles af en laat alleen wat jonge bladeren in het hart staan. Verwijder ook alle uitlopers. 

Zonder bescherming van netten zullen de vogels het oogstwerk voor u doen. Het is handig de plant hiertegen te beschermen met een fijnmazig netje.
VERMEERDERING:
Een aardbei is een vaste plant maar ze dragen het beste in de eerste 3 jaar. Daarna kun je ze het beste vervangen door nieuwe planten.

Grofweg heeft een aardbeienplant 3 taken:

  • groeien en volwassen worden
  • lekkere vruchten maken (zodat de vogels ze eten en de zaadjes verspreiden)
  • uitlopers maken met nakomelingen

Voor het allerbeste resultaat, laat je de plant zich op één taak tegelijk richten.

Het eerste jaar
Aan elke bloeistengel laat je maar 1 of 2 bloemetjes uitgroeien tot aardbeien. De plant kan dan groot en stevig worden voor het volgende jaar.
Ook knip je consequent alle uitlopers weg: zodra je ze ziet en vóórdat er een plantje aankomt.

Het tweede jaar
Je zal zien dat er meer bloeistengels verschijnen dan in het eerste jaar. Laat je alle bloemetjes en vruchtjes zitten dan krijg je veel aardbeien maar ze blijven vrij klein.
Dun je ze uit, dan krijg je veel grotere vruchten. Aan elke stengel laat je 3 vruchtjes zitten. Die groeien dan uit tot de mooiste en grootste aardbeien.
Ook dit jaar knip je weer alle uitlopers weg.

Het derde jaar
In het derde jaar is de plant al flink groot geworden. De plant zal nog steeds veel aardbeien geven. Voor grote vruchten dun je ook dit jaar de bloeistengels uit.
Volwassen planten maken veel uitlopers aan, direct na de bloei. Aan al die uitlopers komen kleine aardbeien plantjes. Je kan ze gebruiken om de ouder-plant te vervangen.

Kweek zelf sterke aardbeienplantjes
Om sterke en stevige nakomelingen te krijgen, laat je 1 of 2 van die uitlopers aan de moederplant zitten. De rest knip je telkens weg.

Zodra het plantje groot genoeg is, en je de wortels al goed ziet, knip je het los van de moederplant. Zet het in een potje met goede potgrond (liefst cocos, dat houdt het vocht langer vast). Het volgende jaar zal de plant al aardbeien geven.

VEEL PLEZIER EN SUCCES MET UW PLANTJE!!